Zandvoort 1973: hoe de tekortkomingen van de F1 tot de dood van Roger Williamson leidden

maandag, 2 februari 2026 (19:37) - Racingnews365.nl

In dit artikel:

Roger Williamson was een veelbelovende Britse coureur wiens Formule 1-carrière al na twee races tragisch eindigde. Na successen in de Britse Formule 3 (kampioen 1971 en 1972, winnaar van de Grovewood Award) maakte hij op 14 juli 1973 zijn F1-debuut voor March Engineering op Silverstone, maar crashte daar in bocht één. Twee weken later, op 29 juli 1973, reed hij zijn tweede Grand Prix op Circuit Zandvoort.

In de achtste ronde verloor Williamson bij Tunnel-Oost de controle over zijn March-Ford — vermoedelijk door een linksachterband die klapte. De auto stuiterde tegen een slecht bevestigde vangrail, vloog door de lucht en kwam ondersteboven tot stilstand op de apex van de volgende bocht. De brandstoftank scheurde open en de wagen vloog direct in brand. Williamson zat bekneld in de cockpit; de impact zelf had hem niet gedood, maar hij kon door hitte en rook niet ontsnappen.

Coureur David Purley zag het gebeuren en stopte direct zijn eigen race om te helpen. Hij probeerde met zijn handen de auto om te kantelen en gebruikte later samen met een politieman een brandblusser van een marshal. Door een explosie van resterende brandstof laaide het vuur echter opnieuw op en Purley moest terugtrekken. Hoewel zijn reddingspoging later wereldwijd werd vertoond en hem de George Medal opleverde, was hij alleen en zonder voldoende ondersteuning.

De reactie vanaf de baan en organisatorisch was desastreus. Medecoureurs reden voorbij omdat men dacht dat Purley zelf had gecrasht; niemand stopte om hulp te bieden. De marshals op Zandvoort waren slecht getraind en droegen geen vuurbestendige kleding, er was slechts één brandblusser in de buurt die snel opraakte, en de raceorganisatie gaf geen rode vlag. De brandweer moest eerst een hele ronde rijden om de plek te bereiken; pas na ongeveer acht minuten arriveerde professionele hulp. Tegen die tijd was Williamson al overleden aan rookinhalatie en hitte.

Zijn dood op 25-jarige leeftijd werd een belangrijk keerpunt in het veiligheidsdebat binnen de Formule 1. De beelden van Purleys vergeefse reddingspoging benadrukten de noodzaak van betere marshaltraining, vuurbestendige uitrusting en snellere inzet van hulpdiensten. In de jaren daarna werden zulke maatregelen ingevoerd en veranderde de cultuur onder coureurs: zij stopten vaker bij zware ongevallen om te helpen, iets wat later onder meer zichtbaar werd bij de redding van Niki Lauda in 1976. De gebeurtenis blijft nog altijd een pijnlijk symbool van de gebrekkige veiligheidsstandaarden uit die periode.