Waarom McLaren onterecht in de schaduw van Mercedes staat
In dit artikel:
2026 brengt ingrijpende reglementswijzigingen in de Formule 1: nieuwe auto's en motoren, een grotere rol voor de batterij en actieve aerodynamica waarmee downforce en topsnelheid tijdens een ronde kunnen worden aangepast. Die veranderingen zetten de verhoudingen tussen fabrieksteams en klantenteams opnieuw op scherp.
Mercedes wordt door velen als favoriet gezien — deels vanwege hun eerdere dominantie bij de invoering van de V6-hybride in 2014, hun expertise op elektrische componenten en geruchten over een technisch voordeel rond compressieverhoudingen. Als fabrieksteam profiteren de Zilverpijlen bovendien van vroeg beschikbare data en eigen ontwerpmogelijkheden.
Toch is het opvallend dat McLaren vaak in de schaduw van Mercedes blijft, terwijl het team uit Woking de afgelopen jaren sterke vorderingen maakte. Onder de ground effect-regels won McLaren drie titels in twee seizoenen en bouwde men met dezelfde krachtbron een sneller pakket dan Mercedes, dat tussen 2022 en 2025 worstelde. McLaren stopte relatief vroeg met de doorontwikkeling van de MCL39 omdat het team al een duidelijke snelheidsvoorsprong had — een teken dat de technische basis solide is.
De komst van voormalig Red Bull-topman Rob Marshall gaf het technische team extra impulsen, wat de kans vergroot dat McLaren ook onder de nieuwe regels een competitieve auto levert. Klantenteams lopen op sommige vlakken achter op fabrikanten, maar McLaren heeft al de motor en de knowhow om mogelijk boven zijn leverancier uit te stijgen.
Uiteindelijk blijft 2026 onvoorspelbaar: het is niet zeker wie het beste met de nieuwe regels omgaat. Mercedes heeft duidelijke voordelen, maar McLaren mag niet worden afgeschreven — zij hebben het technische vermogen en de eerdere resultaten om opnieuw voorin mee te draaien.