Kimi Antonelli ziet progressie bij Mercedes, maar Ferrari blijft de maatstaf bij starts
In dit artikel:
Tijdens de tests in Bahrein waren de starts dé gespreksonderwerp: Ferrari toonde zich veruit het snelst van de drie teams. Door het verdwijnen van de MGU‑H is de turbolag in de lage toeren zichtbaarder geworden, waardoor starts lastiger en technischer zijn geworden; de FIA probeerde daarom al een aangepaste startprocedure met een voorwaarschuwing tijdens de laatste testdagen.
Ferrari’s SF‑26 — mogelijk uitgerust met een kleinere turbo — kwam telkens razendsnel van zijn plek en passeerde bij oefenstarts George Russell nog voor de eerste bocht, ook wanneer Russell vanaf pole vertrok. Pas op de laatste dag hield Russell zijn positie, met Charles Leclerc vijf plaatsen daarachter. Mercedes‑coureur Kimi Antonelli erkent dat Ferrari het sterkst oogde, maar ziet wel vooruitgang bij Mercedes: “Het is eerlijk gezegd een zwak punt voor ons geweest,” zei hij, maar hij voegde toe dat de starts aan het eind van de tests beter voelden.
Haas, eveneens met Ferrari‑motor, liet ook snelle starts zien. Esteban Ocon zei dat zijn team aanvankelijk worstelde om het juiste toerental te vinden, maar dat de power unit en de boostlevering zijn verbeterd — met de kanttekening dat concurrenten waarschijnlijk ook door zullen ontwikkelen. Kortom: Ferrari lijkt voorlopig de referentie, maar er blijft werk aan de winkel voor de seizoensopener in Melbourne.