Hoe het grootste Red Bull-risico een troef voor Verstappen is geworden
In dit artikel:
Red Bull heeft in de eerste helft van het Formule 1-seizoen 2026 verrassend goede zaken gedaan als motorleverancier. De volledig nieuwe RBPT-Ford DM01 blijkt na elf races niet alleen competitief, maar volgens de FIA zelfs de benchmark in de beoordeling van de verbrandingsmotor. Daarmee scoort Red Bull beter dan Mercedes, Ferrari, Honda en Audi op dat onderdeel, en krijgt het zelf geen extra homologatie-upgrades omdat het als referentie dient.
Dat is opvallend, want het motorproject werd vanaf de start gezien als een groot risico. Red Bull bouwde met veel nieuwe mensen en in een technisch compleet nieuwe regelset een eigen krachtbron, waarbij het hybride deel een groot aandeel heeft. In de testfase draaide de motor meer dan 600 ronden, al kende het team in de eerste races nog wel kinderziektes: Max Verstappen viel in China uit door een probleem met de ERS-koeling en Isack Hadjar moest in Australië opgeven door motorpech. Sindsdien zijn de problemen afgenomen.
Vergeleken met de concurrentie doet Red Bull het bovendien niet slecht op betrouwbaarheid. Mercedes en McLaren hadden meer motor- en batterijproblemen, terwijl Ferrari het op dat vlak juist beter voor elkaar heeft. Audi, de andere nieuwe motorbouwer, had eerder in het seizoen ook meer moeite en mist vooral nog vermogen. Juist dat lijkt bij Red Bull een sterk punt te zijn.
Ook de reacties van Verstappen en Hadjar laten zien dat de DM01 beter presteert dan verwacht. Waar Red Bull vooraf nog vreesde voor een moeizame start, wijst de eerste seizoenshelft erop dat het team een verrassend sterke basis heeft gelegd voor zijn eigen motorproject.
De Oranjezomer: Rutger Castricum hoort wie volgende week aanschuift bij De Oranjezomer: 'Dan zit ik in het publiek!'