Ferrari zorgt voor grote ophef met verbijsterende teamorder - terugblik
In dit artikel:
Op 12 mei 2002, tijdens de Grand Prix van Oostenrijk, liep een ogenschijnlijk routineuze Ferrari-één-twee volledig uit de hand. Rubens Barrichello startte vanaf pole en leidde de race met een voorsprong van meer dan vier seconden na de pitstops, terwijl teamgenoot Michael Schumacher op drie startte en al dat seizoen domineerde met een ruime puntenvoorsprong. Ferrari hield echter vast aan een vooraf afgesproken teamorder: de leider vóór de laatste stop zou de overwinning afstaan aan Schumacher.
In de laatste ronde vertraagde Barrichello zichtbaar in de aanloop naar de laatste bocht en liet Schumacher passeren; het verschil over de finish bedroeg slechts 0,182 seconde. Het publiek reageerde met massaal boegeroep en op het podium ontstond een ongemakkelijke vertoning waarbij Schumacher aanvankelijk weigerde de hoogste trede te beklimmen. De FIA beboette Ferrari, Schumacher en Barrichello uiteindelijk gezamenlijk €1 miljoen—niet expliciet voor de teamorder, maar voor het schenden van het podiumprotocol.
Het incident leidde op 28 oktober 2002 tot een formeel verbod op teamorders die race-uitkomsten beïnvloeden; die regel bleef van kracht tot 2011. Achteraf bleek de hele ingreep sportief zinloos: Schumacher won het seizoen met grote overmacht en de twee extra punten die hij in Oostenrijk 'winst' behaalde hadden geen invloed op het kampioenschap. Het voorval staat sindsdien symbool voor hoe slecht uitgedachte teamorders reputaties kunnen schaden en regelgeving kunnen veranderen.